Enkelpathologie
Enkeldistorsie
Een distorsie is een trauma van de enkel waarbij de enkel wordt omgeslagen. Het is een acuut trauma waarbij de gewrichtsbanden van de enkel gekwetst raken. Meestal scheurt het ligament aan de buitenzijde van de enkel. Dit gaat gepaard met pijn en zwelling. Vaak is het zeer moeilijk tot onmogelijk om nog op de enkel te steunen. De acute behandeling bestaat uit rust, hoogstand en ijs (RICE). Ter absolute rust wordt op de spoedgevallendienst vaak een gips aangemeten voor de periode van één week. Nadien wordt meestal een stabiliserende brace of indien nodig een loopgips aangemeten. Bij een graad 1 enkeldistorsie kan men vaak het sporten hervatten na één week. Sporthervatting na een graad 3 zal ten vroegste na 6-8 weken kunnen gebueren. Deze letsels worden in principe zelden geopereerd. Enkel herhaaldelijke distorsies komen eventueel in aanmerking voor een operatieve stabilisatie.
Enkelfractuur
Een enkelfractuur treedt op door een gelijkaardig doch ernstiger trauma als een enkeldistorsie. Hierdoor wordt het trauma opgevangen door het bot waardoor dit breekt.
De symptomen zijn gelijkaardig als die van een enkeldistorsie doch vaak nog meer uitgesproken. Er is een duidelijke zwelling en pijn over het gewricht. Steunname is bijna steeds onmogelijk. Afhankelijk van het type van fractuur is een operatieve ingreep noodzakelijk om het enkelgewricht te herstellen. Niet-verplaatste fracturen kunnen met een gips behandeld worden met steunverbod.
Enkel impingement
Hierbij treedt er een conflict op tussen het sprongbeen (talus) en het scheenbeen (tibia). Vaak ook tussen sprongbeen (talus) en het kuitbeen (fibula). Vaak is dit het gevolg van een vroeger trauma waardoor er littekenweefsel of een extra botaanwas de oorzaak is van het mechanische conflict. Het conflict kan zich zowel vooraan als achteraan voordoen. De symptomen zijn pijn voor- of achteraan de enkel bij respectievelijk dorsi- en plantairflexie van de enkel. Dit probleem wordt behandeld met een arthroscopie of kijkoperatie. Hierbij wordt het overtollige litteken of bot weggenomen.
Peesontstekingen van de enkel
De belangrijkste pees van de enkel en voet is ongetwijfeld de Achillespees. Deze is belangrijk om normaal te kunnen wandelen. De functie van de Achillespees is plantairflexie of de voet naar beneden bewegen. Er zijn verschillende andere pezen die de enkel omvatten zoals de m. peronei en de m. tibialis (anterior + posterior).
Een peesontsteking wordt meestal conservatief behandeld. De behandeling bestaat uit rust (eventueel gips), hoogstand, ijs en kinesitherapie.
Bij blijvende of chronische klachten wordt soms een chirurgische ingreep uitgevoerd. Hierbij wordt het zieke peesgedeelte (tendinose) weggenomen en wordt de pees hersteld en gestabiliseerd. Soms kan er ook een transfer van een pees gebeuren.
Gewrichtsmuizen
Gewrichtsmuizen zijn kleine stukjes bot of kraakbeen die rondzweven in het gewricht of vastzitten op het kapsel. Dit kan dan tussen de gewrichtsoppervlakken vastgeraken en een blokkage veroorzaken. Dit gaat gepaard met pijn en bewegingsverlies.
De behandeling hiervoor is een operatieve behandeling indien er klachten zijn.
Achillespeesscheur
Een scheur van de Achillespees is meestal het gevolg van een plots trauma. De patiënt klaagt van een plotse zweepslag t.h.v. de kuit met onmiddellijke pijn en gangproblemen tot gevolg.Er wordt vaak een operatieve ingreep uitgevoerd om de pees te herstellen. Nadien volgt een lange revalidatie periode. Competitie sport is pas aan te raden 6 maand na de operatie.
Kraakbeenletsel
Kraakbeen vormt de glijlaag van het gewricht. Wanneer deze beschadigd geraakt, kan dit pijn veroorzaken of een blokkage. Dit zijn vaak traumatische letsels, maar kunnen bij kinderen ook spontaan voorkomen. Afhankelijk van de bevindingen kan een conservatief of operatief beleid nodig zijn. Een operatie kan bestaan uit een arthropscopie met een ice picking van het letsel. Er worden kleine gaatjes in het bot gemaakt waardoor er een littekenweefsel over het beschadigde kraakbeen groeit. Na deze behandeling mag je 6 weken niet steunen. Dit littekenweefsel heeft niet dezelfde weerstand als kraakbeen en een verdere achteruitgang kan plaatsvinden.
Enkel arthrose
Bij arthrose treedt er verlies op van het gewrichtskraakbeen. Vaak is dit het gevolg van een vroeger uitgebreid trauma of van een infectie.
De patiënt klaagt van pijn. De pijn neemt ook toe na een lange dag te hebben rondgewandeld of recht gestaan te hebben. De beweging in het enkelgewricht is ook sterk afgenomen. Hierdoor wordt wandelen op oneffen oppervlak zeer moeilijk en pijnlijk (vb strand).
Zoals bij elke vorm van arthrose bestaat de behandeling uit verschillende stappen. Men start vaak met klassieke pijnmedicatie en relatieve rust. Indien dit faalt, kan men een infiltratie uitvoeren met een corticoïdpreparaat. Een andere optie is een viscosupplementatie (hyaluronzuur). Met een arthroscopie of kijkoperatie kunnen we het gewricht "proper" maken. Dit geeft slechts een tijdelijk effect. Vaak moeten we overgaan tot een meer drastische operatieve ingreep: een prothese of een fusie. Bij een fusie wordt het gewricht vastgemaakt. Een enkelprothese wordt meer gebruikt voor de oudere patiënt.